201510315179.jpg
img-02.gif

 

In 2012 hebben wij (Gerrit-Jan en Aurea van Heek) het Jachthuis uit de familie stichting gekocht.

 

Aangezien er veel achterstallig onderhoud was, hebben we eerst het volledig gerestaureerd. De zijbeuken zijn volledig opnieuw opgetrokken met nieuwe gebinten en ingemetseld met de oude stenen. De pannendaken zijn geïsoleerd. In het hele gebouw is vloerverwarming aangebracht en de doorrit is voorzien van een glazen pui. De keuken is van een kleine ruimte met een te laag aanrecht omgetoverd tot een gezellige ruimte met een hout gestookt fornuis. Er is een afwasmachine en een koelkast.

 

Ondanks deze grondige verbouwing hebben we toch de sfeer van vroeger weten te behouden.

 

 

Geschiedenis

Het jachthuis in Buurse is op de huidige plaats neergezet in de oorlogstijd (aug. 1941). Het was voor de directie van de textielfabriek ‘t Schuttersveld een manier om te voorkomen dat mensen in de oorlog in Duitsland tewerk gesteld werden. Voor de directie sneed dit mes aan twee kanten, daar de heren fervente jagers waren en er nog geen jachthuis was. Het oorspronkelijke gebouw komt uit Albergen. Helaas is de plaats vanwaar het gebouw is verplaatst niet bekend.

Gerrit-Jan van Heek was toen niet alleen directeur van het Schuttersveld, maar ook eigenaar van de boerderij Het Grobbink, thans pannenkoekenhuis/bierbrouwerij. Bij de boerderij hoorde een grootte hoeveelheid landbouw en bosgrond. Het meeste van deze grond werd verpacht.

Na de grootte staking in de eind jaren 70 kwam in 1982 het moment dat het Schuttersveld failliet ging en alle landerijen verkocht werden. Het natuurgebied het Witte Veen met de boerderij Het Markslag werden verkocht aan Natuurmonumenten. Wel wisten de Heren nog te bedingen, dat zolang Gijs en Frans van Heek leefden zij de jacht van Natuurmonumenten konden pachten.

Het jachthuis is toen ondergebracht in een stichting: de stichting Jachthuis Buurse.

 

Architectuur

Het jachthuis is een verbouwde voormalige doorritschuur met hooiopslag, in 1941 door G.J. van Heek vanuit Albergen naar deze plek verplaatst. In oorsprong dateert de schuur waarschijnlijk uit de achttiende eeuw. Het pand ligt zeer fraai op een verhoging langs de Schipbeek.

De vakwerkgevels zijn ingevuld met handvormsteen en op sommige plaatsen met hout en vlechtwerk. Het rietgedekte schilddak steekt aan de voorzijde ver over (wolfskap) . De doorrit bevindt zich ongeveer in het midden van de schuur. Het voorste gedeelte van de schuur heeft aan weerszijden twee aankappingen onder pannen lessenaardaken. Door de huidige bestemming zijn nieuwe elementen als vensters met roeden verdeling en een schoorsteen toegevoegd.

Ondanks de verbouwing tot jachthuis is de oorspronkelijke vorm en het oorspronkelijke materiaalgebruik van de schuur nog duidelijk herkenbaar. Het is 1 van de weinig overgebleven doorritschuren in Twente en daarom van architectuurhistorisch belang.

 

Oorspronkelijk gebruik

Vanaf de oorlogsjaren tot nu toe is het jachthuis voornamelijk gebruikt voor de jacht. Hierbij kwamen de jagers en kloppers in het jachthuis bijeen om vandaar te jagen op klein wild. (hazen, konijnen, fazanten e.d.). Het jachtterrein bestond uit wat nu bekend staat als het Witte Veen. Na de jacht kwam men dan in het jachthuis bijeen om nog een gezellige avond te hebben. Bij een jachtdag kwamen gemiddeld 35 personen. Het samenzijn ging voor de kloppers tot in de late uurtjes door. De jachtdagen waren altijd in de herfst van het jaar en per jaar werden soms wel 10 jachtdagen gehouden.